Home
Boekentips
Verhalen
Jouw verhaal
Extra
Prikbord
Colofon

Verhalen 
Help, een hacker!
Door Fleur

Ik zit in de klas. De rekenles is voorbij. Ineens hangt de meester een poster op het bord. We gaan deelnemen aan de Junior Journalist wedstrijd! ‘Jullie mogen thuis een verhaal schrijven. Volgende week moeten jullie het aan mij geven. Dan kan ik het insturen’, zegt de meester. Er borrelden al veel ideeën in mijn hersenen. Thuis begon ik er meteen aan. Het werd heel spannend. Na een stuk of vier dagen had ik het al af. Ik typte het op de computer. Natuurlijk sloeg ik het wel op. Mijn vriendin Ellen had het nog niet af. Ik zei dat mijn verhaal af was. Maar ik zei het per ongeluk iets te hard. Jonathan die achter mij zat hoorde het. Ik had niet in de gaten dat hij mee aan het luisteren was. Ik vertelde dat ik het getypt had. Thuis speelde ik met mijn poppen. Wat ik nog steeds niet wist was dat Jonathan alles wat ik tegen Ellen zei had gehoord. Hij is 2 jaar ouder dan mij. In het eerste leerjaar bleef hij zitten en in het derde leerjaar ook. Hij is in bijna alles slecht. Maar met computers kan hij heel goed overweg. Jonathan wist ook dat ik heel slim was. De dag ging voorbij. De volgende ochtend wou ik nog eens kijken of mijn verhaal wel klopte. Maar wat was dat? Het verhaal was weg!!! Helemaal weg. Ik kon wel huilen. Ik vloekte een paar scheldwoorden. Ik holde naar boven. Mama was haar tanden aan het poetsen en papa deed gel in zijn haar. Ik vertelde hen dat het verhaal op mijn computer was gestolen. ‘Dat is een hacker geweest!’ zei papa kwaad. ‘We komen er wel achter hoor,’ zei mama met haar stem vol medelijden tegen me. Ik ging triest weer naar beneden. Op school vertelde ik alles aan Ellen. Ellen vond het heel erg voor me. Maar wat nog erger was, we moesten het verhaal vandaag afgeven aan de meester. In de klas riep de meester alle namen af en iedereen moest z’n verhaal afgeven. Ik had niks bij me over het verhaal want het was gepikt. Dus het gevolg was: een pak strafwerk mee naar huis. Toen de meester Jonathan afriep glunderde hij. Er kwam een glimlach op de meester zijn gezicht. ‘Prachtig! Dit is werkelijk prachtig’, mompelde hij. Toen iedereen zijn verhaal had afgegeven mocht Jonathan zijn verhaal voorlezen. Het leek heel veel op het mijne. Maar toen het midden van het verhaal begon wist ik zeker dat het mijn verhaal was. ‘De dief’, dacht ik. Toen snapte ik het. Hij heeft op mijn computer ingebroken! Onder de speeltijd zei Ellen tegen me: ‘Wat was dat verhaal van Jonathan mooi!’ ‘Dat verhaal heb ik geschreven,’ zei ik. Jonathan heeft mijn computer gehackt. Hij heeft het verhaal in mijn bestand gevonden. Waarschijnlijk heeft hij ons af zitten luisteren. Toen we over onze verhalen aan het praten waren.’ Ellen geloofde mij. ‘Maar weet je wat? We schakelen de bananenpolitie in’, zei Ellen. Ze werden zo genoemd omdat ze boeven vangen door een banaan uit de schil te laten floepen. Die komt dan terecht in hun mond. En de bananenschil zelf gooien ze op de grond. Dan glijden de gangsters uit. Dat vond ik een supergoed idee. Toen de school af was, fietsten Ellen en ik samen naar huis. Onderweg kwamen we het bananencorps tegen. We sprongen van onze fiets en gingen het politiebureau binnen. In de gangen stonden dozen met bananen. En in de gang daarna allemaal kleine cellen. Af en toe zat er een boef in. Maar dan wel eentje die een banaan had gestolen. Of een Euro. Die boeven zaten er dan ook maar één of twee dagen. Echte boeven zitten in de gevangenis in de grote stad. Ineens kwamen we een cipier tegen. Hij gaf een boef een banaan. We liepen verder tot het bureau van hoofdcommissaris Lekkere Banaan. We openden de deur. Hij lag te ronken met zijn zweetvoeten op tafel. Op die tafel stond een groot stuk bananentaart met een vol glas zoete limonade. ‘Hallo commissaris.’ Hij werd al wakker. We vertelden Lekkere Banaan het verhaal over Jonathan. Toen we waren uitverteld vroeg hij: ‘Heb je bewijzen?’ We hebben geen bewijzen. Lekkere Banaan vertelde ons dat hij de zaak zou laten uitzoeken. We moesten Jonathan’s adres opschrijven. Ik kende het. Hij had namelijk ooit eens in mijn vriendenboek geschreven. Iedereen stond er al in behalve hij. Hij was nog niet vol dus heb ik Jonathan er toen in laten schrijven. Daarna reden we met de fiets weer verder. Tot de splitsing. Daar moeten we splitsen. Ik ging naar links en Ellen naar rechts. Als ik thuis kwam kon ik meteen beginnen aan het strafwerk dat ik had gekregen. Rekenen, taal en spelling. Daar kon ik dan een vol uur aan besteden. Toen ik het strafwerk aan het maken was dacht ik aan Jonathan. Nu zit hij al bij de beste tien. Hij pronkt met andermans veren. Mama riep me vanuit de keuken. Ik moest gaan eten. Tijdens het eten vertel ik dat ik een vermoeden heb dat Jonathan het heeft gedaan. Ik zei ook dat de bananenpolitie het uit zou zoeken. Laat in de avond gingen de politiemannen Banana en Chiquita naar Jonathan’s huis. Ze belde aan. Chiquita en Banana onderzochten het huis van kop tot teen. Opeens zagen ze een computer. Die mochten ze ook bekijken van de moeder van Jonathan. In het bestand zochten ze naar het verhaal van mij. Opeens zagen ze een verhaal met de bestandsnaam: Mijn verhaal (Cloë). Chiquita printte het verhaal af en vertrok samen met Banana naar het politiebureau. Lekkere Banaan zat nu van zijn chocolademousse te snoepen. Banana leverde het geprinte verhaal af bij hem. Ik werd opgebeld. Ik moest acuut naar het politiebureau komen. Ik kwam weer door de gang met de bananen en de gang met de cellen. Ik klopte op de deur en deze keer stond er geen chocolademousse of bananentaart. Ook geen glas zoete limonade maar een grote doos pralines. Lekkere Banaan vroeg of ik ook een praline wou. Die kans kon ik natuurlijk niet voorbij laten gaan. ‘Vertel hoe jouw verhaal voor de Junior Journalist ging.’ Ik begon te vertellen. ‘Bravo. Dat is jouw verhaal. Hij heeft je computer gehackt. Stap in de politiewagen. Er is nu juist een wedstrijd bezig van de beste 10.’ Ik haastte me naar de auto. We kwamen juist op het goede tijdstip. ‘Beste kinderen. Ik heb hier iemand die de plaats van Jonathan in komt nemen. Jonathan heeft dit meisje haar computer gehackt en het verhaal gestolen.’ Ik mocht dus verder in plaats van Jonathan. Ik won de wedstrijd. Ik kreeg heel wat boeken van Davidsfonds en een super-de-luxe vakantieweekend voor 6 personen. Heel de klas was trots op me. En wat er met Jonathan gebeurde? Die moest een hele week in de cel van het bananencorps zitten. Ik voelde me blij. Heel erg blij!
 
Vond je dit een leuk verhaal? Of juist niet? Mail dan naar leeslekkerland@hotmail.com.
Dan komt jouw reactie binnenkort op de website.

Reacties